Rapporten
Rapportage
Het schooljaar bestaat uit vijf perioden van ongeveer 7 lesweken.
Na elke periode wordt er een cijferrapportage meegegeven aan de leerlingen.
Rapportage 1 : rond 28 oktober 2011
Rapportage 2 : rond 20 januari 2012
Rapportage 3 : rond 9 maart 2012
Rapportage 4 : rond 11 mei 2012
Eindrapport : 6 juli 2012
Bepaling rapportcijfers
1. Voor het bepalen van de rapportcijfers hanteren de secties richtlijnen. Deze worden aan het begin van het schooljaar aan de leerlingen meegedeeld.
2. Het eindrapportcijfer wordt afgerond op gehelen.
3. Bijzondere omstandigheden of andere overwegingen kunnen natuurlijk aanleiding zijn voor het toekennen van een hoger rapportcijfer.
4. Rapportcijfers worden voor het inleveren bij de administratie aan de leerlingen bekend gemaakt.
Voor klas 1 en 2 geldt het volgende :
1. Er wordt niet lager dan een 3 op het rapport gegeven.
2. Alle vakken tellen mee voor de bevordering.
3. “Bespreken” betekent: de resultaten van een leerling worden besproken. Deze bespreking kan leiden tot een bevordering, tot een bevordering met een of twee taken of tot niet bevorderen naar de volgende klas.
4. Een taak wordt opgelegd door de docentenvergadering en vastgesteld door de vakdocent.
Het is een studieopdracht over de stof (of een gedeelte daarvan) die in het afgelopen jaar is behandeld, met de bedoeling opgelopen chterstanden weg te werken. Deze taak wordt op de eerste dag van het volgend schooljaar overhoord/afgenomen en moet naar behoren worden afgelegd.
5. Bovenstaande normen gelden als uitgangspunt bij de bevordering. Bij kennelijke onbillijkheden of op grond van bijzondere omstandigheden kan hiervan door de docentenvergadering worden afgeweken.
6. Voor leerlingen bij wie procedurefouten begaan zijn, kan een revisie aangevraagd worden bij de rector.
Voor klas 3 geldt het volgende :
1. Er wordt niet lager dan een 3 op het rapport gegeven.
2. Alle vakken tellen mee voor de bevordering.
3. “Bespreken” betekent: de resultaten van een leerling worden besproken. Deze bespreking kan leiden tot een bevordering of tot niet bevorderen naar de volgende klas.
4. Bovenstaande normen gelden als uitgangspunt bij de bevordering. Bij kennelijke onbillijkheden of op grond van bijzondere omstandigheden kan hiervan door de docentenvergadering worden afgeweken.
5. Voor leerlingen bij wie procedurefouten begaan zijn, kan een revisie aangevraagd worden bij de rector.
2. Profielnorm
Verplichte profielvakken en profielkeuzevak(ken) voldoende: +
Eén of meer verplichte profielvakken en/of profielkeuzevak(ken) onvoldoende: b
+ betekent bevorderd
b betekent bespreken
- betekent afgewezen
3. Bovenstaande normen gelden als uitgangspunt.
Bij kennelijke onbillijkheden of op grond van bijzondere omstandigheden kan hiervan worden afgeweken door docentenvergadering.
Bespreken
Bespreken betekent:
a. bevorderen zonder meer, of
b. bevorderen indien gekozen wordt voor een door de docentenvergadering vastgesteld profiel, of
c. afwijzen .
Profieladviescommissie (PAC)
Profieladviescommissie heeft per klas een wisselende samenstelling:
de teamleider(s), de decaan, de mentor, een alfa-, beta-, gammadocent.
In maart komt de PAC bijeen om te vergaderen over de profielkeuze van de derde klassen. Er worden adviezen gegeven: een positief advies is impliciet; een negatief advies wordt schriftelijk bevestigd aan de ouders door de decaan. De mentor is verantwoordelijk voor het op de hoogte brengen van de adviezen aan de leerlingen en de ouders van de leerlingen.
De leden van de PAC nemen ook deel aan de voorvergaderingen van de overgangsvergaderingen. Tijdens de voorvergaderingen worden alle leerlingen die bespreekgeval zijn, de leerlingen die doubleren en de leerlingen die overstappen besproken.
Het advies van de PAC is een voorstel aan de docentenvergadering die uiteindelijk beslist over overgang en profielkeuze.
Leerlingen die vallen onder b ( bevorderen indien gekozen wordt voor een ander profiel) krijgen een schriftelijke bevestiging door de mentor.
Voor klas 4 t/m 6 geldt het volgende :
Voor alle informatie over overgangsnormen, toetsing, toetsperiodes, herkansingsregelingen, etc. in de bovenbouw wordt verwezen naar het zogenaamde Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) dat alle leerlingen van klas 4, 5 en 6 aan het begin van het schooljaar krijgen uitgereikt.